Disclaimer | Contact | Home

De bergingsactie van Majoor Bruneau, 4 Commando

 

Majoor Bruneau, Comd van het 4 Bataljon Commando.In het kort kunnen we zeggen dat het 4 Commando werd opgericht in april 1959, en onder bevel van Majoor Lemercier werd geplaatst. Van november 1959 tot en met augustus 1960 staat het Bataljon onder bevel van Majoor Bruneau, die trouwens tot twee maal toe het bevel over het Bataljon zal dragen. Het zijn de belevenissen van Majoor Bruneau die hier beschreven worden. We laten de Majoor dan ook aan het woord. Hij is ondertussen Luitenant-Kolonel geworden en we schrijven 1967. De teksten komen uit zijn boek: Le 15 Détachement du 4 Commando: Afrique 1959-1960. Zoals u kan lezen komen de oorspronkelijke teksten uit het Frans, en wat hieronder volgt is een vrije vertaling van de wedervaren van Majoor Bruneau.

 

Op 19 juli zou de 3 Marscompagnie in Bunia de taak van het 4 Commando overnemen. En die avond van 19 juli ontvangt het Transmissiecentrum van Bruneau, alarmerende berichten over een C-119 die vanuit Usumbura op weg was naar Bunia. Om 2100Hr wordt het eerdere bericht bevestigd door een bericht van COMRU: "Een C-119 op weg naar Bunia is vermist. Hij moet zich waarschijnlijk bevinden in de Regio GOMA. Bruneau geeft aan zijn 4 Commando de opdracht om de vermisten op te sporen, en stelt hiervoor alle helicopters ter beschikking met vertrek vanuit Kisenyi.

 

Cdt Vl Van Gompel, de boordcommandant van de CP-36 die de dood verkoos in plaats van zich te redden.Bij het krieken van de dag vlieg ik met drie helicopters naar de plaats van het onheil. Tijdens de vlucht stel ik in grote lijnen mijn plan op om naar overlevenden te zoeken, ingeval Kisenyi zonder nieuws zou zijn gebleven van het betrokken toestel. Om 0700Hr landen wij te Kisenyi. De eerste soldaat die ik tegenkom maakt deel uit van het 3 Ardeense Jagers, en hij stelt mij in kennis van het vreselijke nieuws: "Het vliegtuig is gecrasht op zo een twintig kilometers van hier; acht overlevenden zijn hier in het ziekenhuis".

 

Mijn eerste zorg is om mij naar het ziekenhuis te begeven. Ik kom binnen in een grote plaats waar zeven gewonden op witte bedden liggen. Één soldaat zit naast zijn bed. Hij blijkt ongedeerd. De meeste gewonden hebben het hoofd verbonden. Dokters en verpleegsters zijn druk bezig rond de bedden. Ik kom te weten dat de meesten zwaar verbrand zijn. Het zijn allen militairen van de UDA, (Unités de Défense des Aérodromes), uit Kleine-Brogel. Op een uitzondering na: Adjudant Jacques, navigator, de enige overlevende van de bemanning.

 

Ik overhandig aan de Geneesheer-Directeur van het ziekenhuis, het plasma dat COMRU de dag ervoor vanuit Usumbura had laten overkomen. Ik vertel hem ook dat ik over drie helicopters beschik, en vraag hem of wij iets voor hem kunnen doen. Hij stelt voor om de verbrandden zo vlug mogelijk naar Usumbura over te brengen, om hen vandaar onmiddellijk naar België te rapatriëren. Ik stel dat er twee mogelijkheden zijn: ofwel met onze helicopters, ofwel met een DC-3 van COMRU. Ik maak ook de opmerking dat het transport per helicopter veel nadelen heeft:

De toestellen zijn redelijk traag;

Dat de temperatuur boven de Congo-Nijl bergkam tamelijk koud is;

En dat de gewonden tijdens de overbrenging naar Usumbura ongeveer twee uur zonder dokter of verpleger zullen zitten.

Ik stel de dokter dus voor om bij COMRU een DC-3 te vragen. De dokter antwoord dat het inderdaad beter zou zijn indien zij per vliegtuig zouden vervoerd worden. OK, mijn taak was nu om een DC-3 vast te krijgen en een toelating om te landen in GOMA. De mensen van Kisenyi brengen het probleem ter sprake dat landen in Goma, gezien de gespannen situatie, haast onmogelijk zal worden. Ik stel hen gerust. Ik zou mij belasten om de nodige toelatingen te krijgen om in Goma te landen.

 

Door het zware terrein verliep de berging enorm moeilijk.Ik vraag aan Commandant Borboux of hij radio verbinding heeft met COMRU. Hij maakt de opmerking dat zijn AN/GRC 9 radio-operator geen enkele verbinding meer heeft. Bovendien is zijn radiopersoneel slecht gevormd om met zulk een toestel om te springen. Vandaar ook de uitleg dat er een geen radiocontact meer was met Kigali, op 19 juli, en vandaar ook ons gebrek aan informatie over de ramp. Geluk bij ongeluk: ik ken een radio-amateur in Kisenyi, en ik begeef mij onmiddellijk tot bij hem. Binnen de korste keren had ik radio verbinding met de controletoren van Usumbura. Ik leg mijn probleem uit, en wordt verzocht te wachten. De minuten leken uren, maar uiteindelijk krijg ik het verlossende bericht dat een DC-3 van COMRU naar Kisenyi zal gestuurd worden om de gewonden op te halen.

 

Terug in het ziekenhuis tref ik er het personeel aan, dat bezig is om de gewonden klaar te maken voor luchttransport. Op de koer van het ziekenhuis komen zeven stationwagons de een na de ander toe. Men heeft hen opgetrommeld. Er is een verpleegster en een hulpverpleger per gewonde. De meest ervaren verpleegsters begeleiden de gewonden die met een infuus verbonden zijn. Iedereen was opgetrommeld om de gewonden van een zekere dood te redden, en nooit zal ik voldoende de Belgen kunnen loven en bedanken voor het werk en de toewijding die zij betoond hebben in Kisenyi.

 

Inmiddels heb ik de gelegenheid om een onderhoud te hebben met Soldaat Van Streels, de enige die zonder kleerscheuren uit het tragische bloedbad kon ontkomen. Van Streels vertelt:

 

SM VVE Van Streels, hier op een foto uit 1974."Wij waren met ongeveer 45 in het vliegtuig. Op een bepaald moment geeft men ons het bevel om als ons materiaal naar buiten te gooien, onze wapens inbegrepen. Het merendeel van de manschappen, die voor het eerst op een operationele vlucht zaten, waren verstomd over deze manier van handelen. Sommigen maakte devolgende opmerking: Dat gaat een pak werk geven om dat allemaal op te rapen! Ze hebben spijtig genoeg het karwei nooit moeten uitvoeren. Het vliegtuig verloor steeds maar meer en meer hoogte, tot hij op een bepaald moment heel brutaal in de bomen terecht kwam. De slag was enorm. Bijna iedereen was op slag dood. Ik ben de enige die er heelhuids is uitgekomen. Met hulp van enkele negers ben ik onmiddellijk begonnen om hulp te verlenen aan mijn makkers die nog in leven waren. Die negers waren fantastisch, zij hebben zich bijna levend laten verbranden om de gewonden uit de wrakstukken te halen. Zij gaven hen Cola te drinken uit de flesjes die in de natuur beland waren bij het legen van het toestel. Weinige tijd later zijn kolonialen toegekomen die ons onmiddellijk naar hier hebben gebracht. De piloot kreeg problemen met de rechtse motor, en hij begon hoogte te verliezen. Het was duidelijk dat hij dringend moest landen. Hij kon niets anders dan op de top van de berg landen, maar spijtig genoeg stonden hier bomen in de weg, zodat het toestel uiteen is gespat, en vuur heeft gevat."

 

Tot zover het relaas van Soldaat Van Streels.

 

Een van de kolonialen heeft de ramp praktisch met eigen ogen zien gebeuren. Toen hij de vermoedelijke plaats van de crash zag, heeft hij geen moment geaarzeld en is in zijn wagen gesprongen en weinige minuten laten was hij getuigen van een afgrijselijk schouwspel. Het bericht van de crash verspreidde zich als een vuurtje. Minder dan een uur na de ramp waren alle gewonden reeds naar het plaatselijke ziekenhuis afgevoerd, en dit dank zij de Belgen uit de regio. Ik wil hulde brengen aan allen, die weinige ogenblikken na de crash het onmogelijke hebben gedaan om de gewonden in veiligheid te brengen, de eerste zorgen toe te brengen, en daarna af te voeren. De toewijding van de blanke bevolking van Kisenyi was onbeschrijflijk. Alle inspanningen werden geleverd met slechts één objectief: Belgische kinderen redden die er niet waren voor teruggedeinst om te antwoorden op het noodsignaal dat door Afrika de wijde wereld was ingestuurd.

 

Ik wil ook de moed van de bemanning vermelden, perfect op de hoogte van wat ging volgen, maar die hun veroordeling tot de dood met moed onder de ogen hebben gezien. Die laatste minuten moeten verschrikkelijk geweest zijn voor die militairen.

 

En terwijl de eenen bezig waren om zich om de gewonden te bekommeren, waren anderen bezig om de lijken op een waardige manier naar Kisenyi te brengen, en dit onder het toeziend oog van Kolonel o.r. Jané. Er werden echte expedities georganiseerd om de lichamen naar beneden te brengen in deze hostile jungle van Congo. Het kwam haast tot gevechten met de negers, die schaamteloos de lijken ontdeden van hun kledij, net aasgieren belust op de persoonlijke bezittingen van de ongelukkigen. Al lieten ze de juwelen van de jongens wel met rust. Blijkbaar had dat niet veel waarde in hun ogen. Vierentwintig uur lang hebben wij het lawaai van hun machettes gehoord die het aluminium van het toestel openkapten om het te kunnen plunderen.

 

Achtenveertig uur na het ongeval overvloog ik met Kolonel Jané en Luitenant Vandervorst, (piloot van de helicopter), de plaats van het ongeval. Ik wou een film maken van het ongeluksoord ten voordele van het onderzoeksteam. Enkele dagen later zouden de Officieren van het onderzoeksteam net hetzelfde doen en met dezelfde piloot, zonder echter de wrakstukken van het toestel terug te vinden. Wat zou er gebeurd zijn? Zouden de plunderaars erin gelukt zijn om de twee motoren en het landingsgestel te verwijderen? We zullen het nooit weten, want de zwarte Rijkswachters die het wrak moesten bewaken hebben hun opdracht nooit uitgevoerd, en ondervraagd hierover gaven ze een simpel antwoord: "Tot wat dient het? Ze zijn toch allemaal dood!".

 

Op 20 1200 juli 1960 steeg het DC-3 toestel van SABENA op in Goma met de acht overlevenden, een dokter en verschillende verpleegsters aan boord. Het toestel zet koers naar Usumbura. We prijzen ons gelukkig dat in deze sfeer van vijandelijkheid, de Congolezen ons het leven niet moeilijker maken. Vanaf 1400Hr komen de eerste slachtoffers toe in Kisenyi en alle meubelmakers van de streek waren opgetrommeld om kisten te maken voor de onfortuinlijke militairen. De Congolese traditie wil immers dat een overledene binnen de vierentwintig uur na zijn dood wordt begraven. Commandant Borboux, onze Bataljonsdokter evenals een ploeg van Ardeense Jagers proberen de lijken te identificeren. Geen gemakkelijke taak voor die jongens, een taak waar veel wilskracht voor nodig is. Alle persoonlijke voorwerpen worden in plastic zakken geplaatst en geklasseerd per slachtoffer.

 

De kerk van Kisenyi, waar de slachtoffers opgebaard werden.Van zodra een slachtoffer is geïdentificeerd wordt het opgebaard in de kerk van Kisenyi. Om 1700Hr wordt er een eerste religieuse dienst opgedragen. In de kerk staan ongeveer 35 kisten opgelijnd. Een hondertal blanken, of de totaliteit van de blanke bevolking komen naar de dienst, net als de jongens van de Ardeense Jagers. Nadat onze aalmoezenier de zegen heeft gegeven blijven de Ardeense Jagers de ganse nacht een erehaag vormen rond de kisten. De 21 juli zullen de slachtoffers begraven worden op het kerkhof van Kisenyi.

 

Tijdens de nacht ontvang ik een oproep van COMRU die ons ervan verwittigd dat de geplande begrafenis in Kisenyi niet mag door gaan, maar dat de stoffelijke overschotten moeten overgebracht worden naar Usumbura. Twee DC-3 zullen de kisten komen ophalen, de 21ste in de voormiddag. Om 0700Hr hoor ik de toestellen landen en ik begeef mij naar het vliegveld om met de piloten te overleggen. Deze vertellen mij dat ze een scherp programma hebben, en dus geen tijd om te wachten tot na de mis. De slachtoffers worden in zeven haasten en in hun voorlopige kisten in drie vrachtwagens geladen. Aangezien er niet genoeg plaats is om ze allen mooi naast elkaar te plaatsen worden zij in vrak met de vrachtwagen naar het vliegveld gevoerd.

 

In België brengt Koning Boudewijn de laatste eer aan de onfortuinlijke UDA's.Gans de post wordt op de hoogte gebracht van de laatste ontwikkelingen en op de runway staan de twee Dakota's te wachten op hun funeraire vracht. Door de hitte heerst er in de toestellen een walgelijke lijkgeur. Ik vraag aan de piloten of ze zo wel kunnen vliegen. Ze stellen mij gerust. Ik stel hen ook de vraag of zij niet teveel gewicht hebben, maar ook daarin stellen ze mij gerust. Achteraf bleek dat elk toestel een overgewicht van 1500 Kg had. Wij stellen ons op langs de runway en ik beveel de troepen "Om te groeten..., Groet!", terwijl de beide toestellen voor ons opstijgen.

 

De Districtscommissaris komt mij de hand schudden en feliciteren voor het geleverde werk, in toch onmogelijke omstandigheden. Ik bedank hem en keer terug naar Ruanda.

 


 

De begrafenis van een slachtoffer in België.Tot zover het verslag van LtKol Bruneau, Comd van het 4 Commando. Ik heb het vertaald zoals hij het geschreven heeft. Ik denk dat de tekst voldoende voor zichzelf spreekt, zodat bijkomende commentaar overbodig is. Het 4 Commando zal onze eeuwige erkenning genieten voor het onmogelijke dat ze ter plaatse gepresteerd hebben. De VVE-UDA dankt u, Kolonel, net als de blanke bevolking van Kisenyi, die het mogelijk gemaakt hebben dat onze onfortuinlijke makkers een begrafenis in België hebben kunnen krijgen, en zodoende rusten in nabijheid van hun familie, en niet op het kerkhof van Kisenyi, zo ver van huis.

 


 

Vergeet nooit ons devies:

Invincibiles Et Recti - Fight To Win

VVE-UDA | Air Cdo :

Sake - Masisi :

Air Commando :

UDef FATaC :

Tac Eval :

Vulcan luchtafweer

Onder de wapens :

Personaliteiten :

Voertuigen VVE-UDA :

Het Foto Album :

Buitenlandse VVE-UDA :

Het Clublokaal :